Orakels 6.

Bij de zesde aflevering van de Serie Orakels van Lidy Six

De eerste vijf afleveringen van de Orakelserie van Lidy Six waren een spannende zoektocht naar andere manieren van kennen, geloven, weten en ervaren. Tijdens elke performance stond een gast centraal, die vanuit zijn of haar eigen expertise, alternatieve wetenschapsmethodieken, droomduidingen, sjamanisme of de werking van klankschalen, het publiek uitnodigde of inspireerde om op een andere dan strikt rationele wijze de wereld én zichzelf te aanschouwen of te interpreteren. Lidy Six wil met deze performance serie dan ook geen klassieke theatervoorstelling maken, maar eerder een ervaringsruimte openleggen, waarbinnen belangrijke existentieele vragen over dood en leven, de verhouding tussen ik en ander of tussen lichaam en geest op andere wijze aan bod komen dan wij doorgaans in het westen gewend zijn. De serie bracht tot dusverre boeiende inzichten naar voren over bijna dood ervaringen, de werking van rituelen, de verkenning van het onderbewuste, de invloed van de liefde en en de therapeutische kracht van klankschalen, maar er bleef, wat mij betreft, toch altijd nog een zekere afstand bestaan tussen de performance en het publiek. Hoe interessant en bijzonder de gasten ook waren, ik voelde mij als publiek doorgaans toch meer een toeschouwer dan een deelnemer. Althans, zo was dat voor mij. Waarschijnlijk lag dat vooral aan de setting, dat wil zeggen, aan het bijna noodzakelijke openbare en gezamenlijke karakter van de voorstelling. Ik merkte dat ik me altijd nog een onderdeel van het publiek bleef voelen, met de bekende nieuwsgierigheid naar de reacties van anderen, kortom het gericht zijn op wat er zich buiten je afspeelt, waardoor de eigen ervaring, of laten we het noemen de echte tocht naar binnen enigszins geblokkeerd werd.

Dit veranderde echter helemaal bij de vijfde aflevering van Orakels, die begin juni in het Veemtheater werd gehouden. Dat lag onder meer aan het feit dat deze performance – als je het nog zo kunt noemen - geheel alleen werd ondergaan, zodat de mogelijkheid om te ontsnappen en in het publiek op te gaan in plaats van in je zelf als het ware werd afgesneden. Mijn concentratie werd niet langer doorbroken door de aanblik van het overige publiek, mijn nieuwsgierigheid kon zich niet langer vergapen aan een gezicht, een haardracht of een paar knalroze schoenen, ik was de enige in de hele zaal, en er zat niets anders op dan me geheel op mezelf te concentreren. Bij binnenkomst in de volledig verduisterde zaal werd me verteld een lichtpad te volgen. Het lopen van de ene lichtspot naar de andere versterkte reeds de indruk langzaam een andere wereld te betreden, het voelde als een soort rite de passage, waarbij niet alleen de dagelijkse beslommeringen verdwenen, maar ook, vanwege het duister, de gebruiken en gewoontes waarmee je doorgaans in de wereld staat. Na de lichtwandeling volgde, gezeten op een kussen, nog een fraaie lichtperformance op de muren en de met meel bestrooide vloer en werd, mede ook dankzij de muziek, de concentratie nog vergroot.

Na enige tijd drong zich echter wel de vraag op: wat doe ik eigenlijk hier? Hoe lang moet ik nog naar dat licht kijken? Wat is precies de bedoeling? Maar nog net voordat hierover een lichte wrevel kon ontstaan, begon er een stem te spreken, die een verhaal begon te vertellen, waarin meerdere elementen van zogenaamde oermythes te herkennen waren: er was sprake van een reis, een oversteek, een grot, obstakels onderweg, vreemde personages die onverwacht op je pad komen, enzovoort. Voor mij was het de eerste keer dat ik zo’n narratieve oefening deed en wellicht daarom was de impact ook zo groot. Een stem vertelt in grote lijnen een verhaal, waarbij je zelf niet alleen de details van de omgeving moet invullen, maar ook, op essentiele punten in het verhaal, moet beslissen welke personages erin optreden. Ik wil hier verder niet te veel over uitweiden, maar de ervaring was sterk, de concentratie navenant, en ik denk dat het nog het beste met een meditatieoefening vergeleken kan worden. Maar dan wel een vorm van meditatie die ook tot bepaalde inzichten leidt, en niet louter de leegwording van al het gedachte nastreeft.

Na afloop volgde ik weer een lichtspoor naar de uitgang, waar mijn voeten werden gewassen en geolied en er voorzichtig en open naar mijn ervaring werd gevraagd. Die was, zo vertelde ik, heel bijzonder geweest. Na alle voorgaande afleveringen van de Orakelserie, had deze mij het meest geraakt, omdat deze ‘performance’mij het dichtst bij mijzelf had gebracht en voor een tamelijk indringende ervaring had gezorgd. Je zou misschien zelfs kunnen zeggen dat de performance, de performer en het eenkoppige publiek in deze aflevering voor het eerst geheel en al samenvielen, of in ieder geval, elkaar toch wel heel dicht genaderd hadden. Daarom overheerst bij mij nu de indruk dat alle voorgaande afleveringen eigenlijk vooral voorbereidingen zijn geweest om tot deze zesde ‘performance’ te komen. Voorbereidingen die heel nuttig en noodzakelijk waren om zelf als publiek ook echt een ander universum te kunnen betreden en met een andere manier van denken, voelen en weten in aanraking te kunnen komen.

In die zin heeft Lidy Six de serie Orakels heel mooi opgebouwd. Na een reeks kennismakingen met alternatieve levensfilosofieen van deze tijd, bracht deze aflevering de eigenlijke opdracht die destijds boven de poort van Delphi geschreven stond: ‘Ken u zelve’ wat mij betreft het meest in praktijk. Er volgt nog een laatste, zevende aflevering van Orakels. De nieuwsgierigheid is groot wat deze nog aan de laatste toe kan voegen.

Joke Hermsen