Inleiding
op het denken van Luce Irigaray en de film Maternale van Giovanna Gagliardo, De tijd en het denken Welkom
op deze filosofische avond bij de SLAA over de Franse filosofe Luce
Irigaray en de film Maternale van de Italiaanse regisseuse Giovanna
Gagliardo. Aanleiding voor deze avond is het verschijnen van de nieuwste
publicatie van Parresia, een betrekkelijk kleine, maar moedige filosofische
uitgeverij, die de afgelopen jaren onder meer belangrijke vertalingen
van Michel Foucault, Giorgio Agamben en Judith Butler het licht deed
zien. Deze week wordt daar dan de vertaling van het filmscript van Maternale
en de begeleidende tekst `De een beweegt niet zonder de ander' van Luce
Irigaray, beide teksten die eind jaren zeventig werden geschreven, aan
toegevoegd. Het is tevens de eerste uitgave van de Holderlinreeks van
Uitgeverij Parresia. Zoals sommigen van u misschien weten heeft de voormalige
Uitgeverij Holderlin, die in de jaren 80 en 90 onder meer vertalingen
van het werk van Maurice Blanchot, Helene Cixous, Marguerite Duras en
Luce Irigaray publiceerde, haar fonds in 2000 overgedragen aan Uitgeverij
Parresia. Dat betekende eerst niet veel meer dan dat deze publicaties
nog via Parresia te verkrijgen zijn, maar nu wordt dan blijkbaar, met
de aanvang van de Holderlinreeks binnen Parresia, ook inhoudelijk een
lijn doorgezet. Een frans lijntje, zouden we kunnen zeggen, en misschien
ook wel een vrouwelijke cq feministische lijn. En dat is al met al opmerkelijk,
want ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat het rond sommige franse
schrijfsters uit het fonds van Holderlin, die destijds voor zoveel rumoer
zorgden, inmiddels een beetje stil is geworden. De laatste Nederlandse
vertalingen van Cixous en Irigaray dateren uit 91. Nu, bijna 15 jaar
later, verschijnt dan deze dubbele Irigaray/ Gagliardo publicatie met
vertalingen van teksten die bijna dertig jaar oud zijn. De vraag die
al lezende in deze uitgave bij mij onherroepelijk naar boven kwam, was
dan ook: hoe verhoudt de tijd zich tot het denken? Kan een bepaald gedachtengoed
de tijd vooruit zijn, of omgekeerd, kan een filosofisch oeuvre door
de tijd achterna gezeten worden en zelfs ingehaald worden? Wat doet
de tijd kortom met het denken? Kan deze bepaalde zaken laten verschuiven,
nieuwe accenten leggen, andere perspectieven bieden? Kan een andere
tijd voor een andere receptie zorgen? Dus, wat
nu? Terug naar af? Opnieuw nadenken over macht, over symboliek, over
man-vrouw verhoudingen, over de mogelijkheid van een vrouwelijke syntaxis?
Over een wedergeboorte van wie vrouwen kunnen en willen zijn, onafhankelijk
van de geldende machtspatronen? De uitgave van Parresia die hier vanavond
centraal staat, Maternale geheten, geeft ons een eerste aanzet daartoe.
Deze begint namelijk bij het begin. En het begin is de moeder-dochter
verhouding. De stelling van Irigaray en Gagliardo is zowel eenvoudig
als vreselijk complex. Zo lang we onze moeders alleen als moeders, en
niet als zelfstandige vrouwen, als minnaressen, als creatieve en onafhankelijke
vrouwen, los van het moederschap, kunnen zien, zullen de patronen zich
eeuwig herhalen en zal er niets wezenlijks kunnen veranderen. Daar gaat
de film over, waarvan u in deze uitgave het script en het commentaar
van Irigaray kunt lezen. Over een dochter die wordt volgestopt, letterlijk,
met louter zogende, zorgende, voedende moederschap. Over een dochter
die zich daarmee zo verkleefd voelt aan haar moeder dat ze zelf daarin
verdwijnt en zich met geweld, met haat en weerzin, van haar moet losmaken,
de blik van de vader achterna moet hollen om vervolgens in dezelfde
valkuil als haar moeder zal stappen. Maar daarover zult u deze avond
ongetwijfeld veel meer horen van de spreeksters, die zich zowel over
het gedachtengoed van Irigaray, als over de film en de moeder-dochter
verhouding zullen buigen. Het is voor mij een eer en genoegen om als
eerste spreekster een van mijn eigen intellectuele moeders aan te kondigen.
Rosi Braidotti kwam in 1988 vanuit Parijs naar Nederland om aan de letterenfaculteit
van de Universiteit Utrecht een vakgroep vrowenstudies op te richten.
Deze is een van de laatste bloeiende intellectuele genderinstituten
van Nederland. Dat Braidotti in de verhitte debatten van destijds van
meet af aan de verschilpositie van Irigaray gekozen heeft, kan, historisch
gezien, misschien niet langer als een toevallige bijkomstigheid worden
beschouwd. Ik geef graag het woord aan degene die ons, jonge studenten
en promovenda van destijds, zo op het hart heeft gedrukt om, geheel
in de lijn van de franse schrijfsters, onafhankelijk van welk machtsblok
dan ook, het woord te nemen en op te eisen: prendre la parole, opnieuw
et encore.
|